Remember me

De expositie “Remember me” toont werk van Karin van der Linden. Zij maakt assemblages, samengesteld uit verweesde materialen en eigen creaties die verwijzen naar haar persoonlijke geschiedenis. ‘Remember Me’, een tentoonstelling met sfeerbeelden die bij de toeschouwers ook eigen herinneringen oproepen.

Karin van der Linden (Weert,1957) begon 6 jaar geleden met het maken van assemblages. In haar recente textiele sfeerbeelden gebruikt ze stoffen en bewerkte (schilderij)doeken en past ze meer borduurwerk toe.
Ze werkt zonder vooropgezet plan: het materiaal en een herinnering vormen het startpunt. Haar thema’s zijn liefde,dood, levenscyclus en het loslaten. Zij onderzoekt haar eigen oorsprong en de wijze waarop zij weer de oorsprong voor haar kinderen zal zijn.

In die zoektocht speelt het mysterieuze leven van haar moeder en grootmoeder een grote rol. Communicatie tussen de generaties is er nauwelijks geweest, althans over de zaken die ertoe doen.
Haar grootmoeder Anna trouwt en vestigt zich begin twintigste eeuw in Duitsland. Uit dat huwelijk wordt een zoon geboren. Anna verlaat man en kind en vertrekt naar Nederland. Over het hoe en waarom heeft zij nooit gesproken. Ze krijgt een nieuwe relatie en samen krijgen ze een zoon. Het gezin vindt een onderkomen onder een andere naam in een klooster in Krefeld (DU). De reden daarvoor is waarschijnlijk dat Anna nooit gescheiden is van haar eerste man. Het echtpaar leefde en werkte in het klooster en in 1921 werd Maria er geboren, de moeder van Karin. In 1932 vertrekt het gezin uit het klooster naar Eindhoven. Maria is dan 11 jaar.

Karin herinnert zich uit haar jeugd vooral de vakanties die zij met haar familie in de diverse kloosters in Krefeld, Cochem en Baarle-Nassau doorbracht. De sfeer tijdens die vakanties was bepaald niet uitbundig, de kloosters waren sober en Cochem had een internaat voor kinderen met een verstandelijke beperking waarmee ze geen contact mocht hebben. Toen grootmoeder Anna in 1969 stierf, kwam er abrupt een einde aan die vakanties.

De kennis van de familiegeschiedenis is nodig om het werk van Karin te kunnen plaatsen. De sombere herinnering aan de kloostervakanties laten sporen achter in haar werk. Ook de halfbroer van Maria blijft Karin intrigeren: Wat is er van hem geworden? Wat drijft een moeder om een kind te verlaten en er definitief afscheid van te nemen? Het ultieme loslaten….. Karin verwijst in haar werk naar deze halfbroer via printwerk op braillepapier.

Een intrigerende tentoonstelling die boeit en aanhaakt bij ieders herinneringen.

De expositie loopt van  15 januari tot en met 26 maart 2017.

Geert van den Munckhof schreef twee gedichten, die hij tijdens de opening van deze bijzonder indrukwekkende expositie heeft voorgedragen.

Sfeerbeeld
Met het jurkje van oma – Voor een kind van heel vroeger
Gemaakt door de moeder van toen –
In gedachten – Voel ik alle steken in ‘t stof
en zie ik bijna de pijn in ‘t witte katoen

al het naaldwerk – met de nacht op m’n netvlies
steeds op wacht voor wat gisteren – met de hand is gemaakt
alles wat morgen weer aantoont hoe toen alles ooit was
door die beelden van toen, intens diep geraakt

met die fijne borduursteek dat bloedrode hart
en longen luchtig in lapjes met rood draad
anders kijken en dan zo in stof laten blijken
dat herinnering in hele kleine stapjes gaat

met een blinddoek – zonder zicht alles ziende
ongehoord levenslawaai – op gevoel zonder tast
al wat daar is – zal morgen, weer een herinnering zijn
van een liefde, een lust of een last

dat sfeerbeeld – van het jurkje van oma
Voor het kind van heel vroeger – gemaakt door de moeder van nu

Met verknipte strengen bloedrood draad borduren
zonder einde of begin worden de uren in het stof geweven
in doeken van dagen, in lappen van nacht
die de herinneringen die duren alsmaar doen herleven

En kijk dan, – Zie je zelf in de anderen of
In hen die er waren vóór jou en vergaan zijn tot stof, nog lang voor dat jij verscheen
Als je dat ziet, – Begrijp je jezelf als een mens in een tel van de tijd
En komen vroeger en later, langzaam, in het nu weer bijeen
Loop ik langs de werken van Karin,
dan blijf ik verwonderd soms staan.
Hoe komt het dat beelden mij raken,
waar komt die herkenning vandaan.
Ik zie stiksels, en doeken en foto’s
en kleding en woorden en nog veel meer.
De vroegere tijden, de dagen van toen,
het zet aan tot denken aan weleer
Aan mensen van toen – met geluk en verdrietjes
de mensen van toen – met een lach en een traan
lang geleden maar – je vergeet het niet en hoort nog de liedjes
over wat ze toen deden – en het hoe en waarom
het geluk en pijnlijk gemis – en wat daar de reden van is?
Je denkt er vaak aan terug – maar je weet het meestal toch niet
verweefde gedachten – als draden in doek
gestikte herinneringen anders – dan wat je vaak ziet..
Als ik straks alles heb opgenomen,
de indrukken op mijn netvlies staan,
dan blijven er toch vraagtekens over,
waar komt toch die herkenning vandaan?
In wat ik nu zie, en de kunst algemeen,
zou het om levenservaring kunnen gaan?
Opgedaan door het dagelijkse leven heen,
en het zo nu en dan terugdenken aan… (naar refrein)

 

« Terug naar de vorige pagina